Wat treft u aan op deze website!

Zwolle - Algemeen

Zwolle - Algemeen

Algemene info over de stad

Onder dit item krijgt u een simpel algemeen beeld van onze mooie Hanzestad Zwolle
Foto's, video's en artikelen

Foto's, video's en artikelen

De stad Zwolle in beeld en in tekst!

Foto's, video's en artikelen uit het heden en verleden van de oude Hanzestad Zwolle!
Zwolle in Beeld Info

Zwolle in Beeld Info

Brede informatie over de website!

Hier vindt u alle informatie over de website, inclusief het contactadres en de privacy- en cookie verklaring!
Links

Links

Links naar interessante websites!

Hebt u vragen of wilt u informatie over bepaalde items die gelinkt zijn aan de stad Zwolle, dan vindt u hier een aantal links naar Zwolse bedrijven, organisaties of verenigingen!

Het laatst geplaatst

Zoeken op de website!

Naar Foto's van Zwolle
Naar Zwolse herinneringen

Zwolse Herinneringen Hans Smit HCO Gennestraat

Zijn werkelijke naam was Dozeman, een man van middelbare leeftijd die in mijn jongensjaren door de jeugd uit de straat al gauw het stempel van "die Olde" opgespeld kreeg. Wat is oud, zeggen we dan! 

Ik herinner mij Dozeman als een norse man, die samenwoonde met zijn vrijgezelle dochter Rika in de Gennestraat op nummer 19. Ondanks dat er meerdere mensen in de straat, achter in hun tuintje, enkele kipjes hadden lopen, was deze man voor veel buurtgenoten de eierenleverancier van de straat. 

In de jaren vijftig was het thuis voor ons een luxe, als we af en toe een eitje bij onze broodmaaltijd kregen. Veel gezinnen uit de straat zaten in hetzelfde schuitje en ook bij hen was het niet vanzelfsprekend, dat er bij de boodschappen een doosje c.q. zakje eieren werd mee besteld.

Zwolse Herinneringen Hans Smit HCO  CC BY SA 4.0 melkventer

Een melkboer in de jaren vijftig ...
(Foto: HCO_ CC_BY-SA_4.0)

Het was nog de tijd dat de melk- en groenteboer met hun paard en wagen of met de bakfiets langs de deuren hun produkten kwamen slijten. Neem nu de melkboer. De man kwam met zijn bakfiets, volgeladen met flessen melk en enkele melkbussen, de straat binnen gereden en meldde zich dan door krachtig zijn handbel te gebruiken. Duurde het voor hem te lang, voordat er een deur open ging, dan belde hij, lichtelijk ongeduldig, bij de woningen aan. In veel gevallen was het dan de moeder des huizes of een van de kinderen die zijn/haar pannetje bij de bakfiets liet vullen met losse melk, zoals het toendertijd genoemd. Deze losse melk bevond zich in de grote melkbussen die de man meevoerde. Natuurlijk had hij ook flessen met gepasteuriseerde c.q. langer houdbare melk op zijn vervoermiddel, maar in onze straat was de losse melk favoriet. Denk ik aan die tijd, dan zie ik nog steeds mijn moeder met het grijs-blauw gewolkte, emaille pannetje, bij de bakfiets staan, terwijl de melkboer zijn koperen litermaat onder de tapkraan van de melkbus hield. Was de bodem van de melkbus in zicht, dan werd deze schuin respectievelijk geheel op zijn kop gehouden voor de laatste druppel melk. Elke druppel telt, nietwaar! In een later stadium, was het de SRV-man, die met meerdere produkten dan alleen melk en karnemelk, langs de huizen trok.

Kan & Zoon Adresboek 1947 092 640

Advertentie van de Firma Kan & Zoon uit het Adresboek van Zwolle uit 1947 ...

Het was de tijd dat meerdere beroepsgroepen als de scharenslijper, de lompenboer, de schillenboer, de bakker en de kaasboer zijn handel c.q. zijn activiteiten aan de deur aanbood.

De straatventers van toen ...

Met de Kerstdagen stond bij meerdere gezinnen haas of konijn op het menu. De konijnen werden het jaar voor de betreffende Kerst, door de eigenaar, aangeschaft en vet gemest. Het beestje haalde nooit de Eerste Kerstdag. Dan had het al een aantal dagen ervoor het loodje gelegd, om, als bijzonder hoofdgerecht, het feestelijke menu van de Kerstdagen op te sieren. Veel Nederlanders kennen toch het lied van Joep van 't Hek over Flappie, u niet? Dit lied is echt geen fantasie, het was de pure realiteit uit de periode van na de Tweede Wereldoorlog.
Na de Kerst was het de tijd voor de medewerkers van de handelaren in huiden. Bij regelmaat zag je hen, soms meerdere keren per dag, met de bakfiets de straat inrijden, met een, in veel gevallen, lichtelijk stinkende lading hazen- of konijnenvellen. En dan heb ik mij zachtjes uitgedrukt!
Voor het overgrote deel kwamen deze vellen bij een van de grootste, zo niet de grootste handelaar op dit gebied in onze stad, de Firma H. Kan & Zoon aan de Van Karnebeekstraat, terecht (zie boven). Hier werden ze dan gedroogd en verder geprepareerd voor de produktie van jassen, bontkragen etc.

Zwolse Herinneringen Hans Smit Kuidenier Zicht op Beltrum 2245

De kruidenierszaak in de jaren vijftig ...
(Foto: Beltrum Online)

Ook was het de tijd dat de kruidenier, iedere week weer, bij je ouders aan de deur het boodschappenboekje ophaalde en de bestelde boodschappen, enkele dagen later, weer netjes kwam afleveren. De tijd, dat bij het afleveren af en toe een rolletje snoep cadeau werd gegeven of bij een bestelling boven een bepaald bedrag, een Kwatta chocolade reep. Weet u het nog de chocolade reep die werd aangeprezen met de slogan: "Aller oogen zijn gericht op Kwatta"? Voor de jongsten in het gezin was het vaak een spannend uurtje, als ze wisten dat de kruidenier zou komen. Wat zouden we deze keer als bonus ontvangen.

Het was de tijd dat er nog weleens op de pof werd gekocht, hetgeen helemaal niet als gek of als abnormaal werd gezien. Zeker in de arbeidersbuurten was dit schering en inslag.

Zwolse Herinneringen Hans Smit Olde Deuze Kolenboer guijs9108

Een kolenboer in de jaren vijftig ...
(Foto: Historische Verenigng Sliedrecht)

De tijd dat de verwarming bestond uit een potkacheltje, gestookt op hout of een haard gestookt op kolen. De meeste gezinnen hadden hiervoor een kolenhok in de schuur of in de kelder, bestemd voor de winteropslag van de kolen. Deze kolen werden vaak het gehele jaar bij elkaar gespaard, door het afnemen van kolenzegeltjes bij de kolenboer. Eén keer in de zoveel tijd kwam er iemand aan de deur voor het innen, van een door het gezin zelf te bepalen, bedrag. Voor dit bedrag kreeg men kolenzegels die voor de winterperiode ingewisseld konden worden voor een aantal mud (oude inhoudsmaat, die ongeveer gelijk staat aan 100 liter) kolen. Zo was het nooit een groot bedrag in één keer dat op tafel gelegd moest worden, want dat was voor veel gezinnen niet haalbaar. In ons geval kwamen de kolen van Brandstoffenhandel Wolters Steenkolen, met het hoofdkantoor aan het Van Nahuijsplein. 
Voor het aanbreken van de winterperiode kwam de kolenboer, vaak met twee man, met paard en wagen, de straat binnen gereden. De zwart geblakerde kolenboeren zochten dan, vaak op de automatische piloot, de weg naar het kolenhok, die in bijna alle woningen uit die tijd wel aanwezig was. Meerdere keren werd van de wagen een zak met het "zwarte goud" op de schouders van een van hen gelegd, om deze vervolgens in het kolenhok van de besteller te deponeren. 

Zwolse Herinneringen Hans Smit Olde Deuze Kolenhok modelbouwforum

Een kolenhok was in de woningbouw van de jaren vijftig, zestig en begin zeventig bijna een vast gegeven ...
(Foto: Zwikbeer - Modelbouwforum.nl)

De tijd waarin de strijd tussen de grote rivalen op voetbalgebied in de stad Zwolsche Boys en PEC bij de kapper het meest besproken onderwerp was. Bij Kapper Bruitzman aan de Berkumstraat 21 was het een komen en gaan van fervente Boys supporters terwijl Kapper Kijk in de Vegt aan de Vechtstraat 46 met veel genoegen een grote schare PEC-supporters knipte. Verhalen, veelal met cynisme beladen, en felle discussies waren aan de orde van de dag. Vanuit de kapperstoel werden bij regelmaat de meest venijnige en soms ziekelijk getinte zinspelingen de kapsalon ingeslingerd. De rivaliteit was zo groot, dat na de fusie tussen beide clubs en de hieruit voortvloeiende teruggang van Zwolsche Boys naar de amateurs in 1969, een groot aantal Boys-supporters zwoeren, nooit meer een voet te zetten op de velden van PEC Zwolle.

In het begin van ons trouwen (1972) kwamen wij in de Hornstraat te wonen, een flatje op de tweede verdieping, waar we uiteraard heel blij mee waren. De flats, zo'n twintig jaar na de oorlog gebouwd, waren van Makelaar Meijerink, gevestigd aan de Blijmarkt. Bij ieder appartement behoorde een berging op de begane grond. We hebben het nu over zo'n twintig jaar na de periode Gennestraat, maar, tot onze verbazing, bevond zich in deze berging nog altijd een vast kolenhok, terwijl het appartement zelf al was voorzien van centrale verwarming.

Het was ook de tijd van familiaire financiële ondersteuning. Totdat de Algemene Ouderdomswet (AOW) in 1957 in werking trad, was het normaal dat de ouders financieel door de kinderen ondersteund werden. Ieder kind deed dan letterlijk en figuurlijk een duit in het zakje, afgestemd op zijn of haar inkomen. Hiermee verkregen je ouders genoeg inkomen om de week/maand door te komen.

De tijd waar moeders iedere zaterdag van de week weer uitkeek naar het loonzakje dat steevast aan het eind van de werkdag door de kostwinner des huizes op tafel werd gelegd. Ja, iedere zaterdagmiddag, aangezien er toen ook nog op de zaterdag het beleg van de boterham verdiend moesten worden. Een werkweek bestond uit 48 uur bikkelen.

De tijd, dat bij de meeste gezinnen  de gezinsleden de gehele week in dezelfde kleding rondliepen. Het motto: "Eén aan je bast, één in de was en één in de kast" was dan ook voor veel stadgenoten, een van de regels van het interne huishoudbeleid.

Zwolse Herinneringen Hans Smit Maandag wasdag

Maandag wasdag ...
(Foto: Beltrum Online)

De tijd dat in de huishoudplanning iedere dag wel een taakbeschrijving voor de gezinsleden was opgesteld. Om er een paar te noemen, maandag was het wasdag en op de vrijdag was er steevast een kleine doch grondige schoonmaakbeurt gepland. Kwam je van school en je deed de voordeur open, dan liep je tegen een muur van boenwaslucht op. De stoelen, de eettafel en de salontafel werden structureel op de vrijdag in de boenwas gezet. Daarnaast kregen ook de koperen knoppen van de deuren een stevige poetsbeurt en werden de ramen voor en achter gelapt. Op naar het weekend!

Ik weet nog goed, dat mijn vader bij de grote schoonmaak in het voorjaar, het plafond moest witten en hiervoor op de tafel wilde gaan staan. Ik kan u zeggen, dat de Zwolse ijsbaan, hierbij vergeleken, helemaal niets voorstelde en dat vader van de ene opstap naar de andere zijde van de tafel, onder het zingen van het Wilhelmus, doorgleed.  Nee, geintje, het laatste was niet waar, want mijn vader kon helemaal niet zingen. Wat wel waar is, is dat mijn moeder niet keek op een laagje boenwas meer of minder. Het moest gewoon goed glimmen en zij was hier heel stellig en gedreven in!

Zwolse Herinneringen Hans Smit Erdal Schoensmeer
En als we dan toch over de boenwas hebben, kan de schoensmeer er ook wel bij. Op de zaterdag werden bij ons thuis alle schoenen die vooradig waren, voorzien van een laagje schoensmeer van het merk Erdal. Met een kleine schoenenborstel werd een en ander opgebracht. Vervolgens werd, met een hiervoor vrij gehouden grotere schone borstel en een uitwfijfzoek, het geheel weer tot één glimmende partij schoenen uitgepoetst.

Het was de tijd dat er voor een of twee cent per uur een arbeidscontract werd opgezegd en werd verhuisd naar een nieuwe baan en een nieuwe werkgever, ook al bevond deze zich buiten de stad. Tegenwoordig niet meer voor te stellen. Toch zie je af en toe weer zaken terugkomen die in de loop der tijd zijn afgeschaft. Zo zag ik de afgelopen dagen op tv nog een item over de woningnood in de grote steden. Deze woningnood bleek ook de oorzaak dat, zeker in het westen van ons land, moeillijk aan personeel te komen was. In dit item boden de werkgevers, de nieuw aan te trekken werknemers, naast de baan ook een appartement aan. Zou het dan toch? Ook in mijn jeugdjaren lieten meerdere grote bedrijven in de stad, als Drukkerij Tijl en Drukkerij Tulp, Machinefabriek Stork, Philips en de IJsselcentrale voor hun personeel en aan te trekken personeel woningen bouwen. 

Zo ... dat was even een indruk van de tijd waar ik het over heb. De tijd dat lang niet iedereen de luxe kende van het verorberen van een zacht gekookt of gebakken eitje. Maar mocht dit wel het geval zijn, dan was het eitje dat in de Gennestraat werd gegeten, in veel gevallen, een produktie van de kipjes van de Olde Deuze. 

Een keer in de zoveel tijd was ikzelf aan de beurt om een meegenomen schaaltje te laten vullen met de eieren van 's mans kippen. Om u een beeld van de persoon te geven, hij had een vrij breed postuur, had altijd een pet op en was altijd gekleed in zwarte kleding, met daaronder een paar "sjieke" klompen. Een kloffie dat absoluut geen positief effect had op de beeldvorming van de jongens en meisjes in de straat. Rika, een rustige en lieve vrouw, had iedere dag haar schort voor en een knotje in het haar grijze haren. Ja, dat was Rika! Zoals ik mij nog kan herinneren, was het duidelijk de vader die de boel in huis regeerde. Rika was niet zo'n proaterig tiepie en hield zich altijd wat op de achtergrond! 

Zoals gezegd, was het een vreemde norse man voor de kinderen uit de buurt en was het een crime om enige woorden met hem te wisselen. Misschien was hij helemaal niet zo vreemd als wij dachten dat hij was, maar ja, hij gaf ons ook geen signalen om hier anders over te denken.

Kwamen we uit school, dan had moeders de thee, meestal met een biscuitje, klaar en werd er even bijgepraat. Een lekker rustpunt in de dag. Daarna was het buiten spelen met de jongeren uit de buurt. Verstoppertje, tikkertje, tollen met de draai- of de zweeptol, hinkelen, bokspringen, klooien met stinkveters, gaatjes branden door middel van een stuk glas en zonlicht in papier of mica en natuurlijk voetballen. Ik noem er maar wat, het waren toen de meest geliefde bezigheden buitenshuis. 

Het partijtje voetballen werd altijd vooraf gegaan door een hele serieuze ceremonie. Er moest namelijk eerst gepoot worden. Poten, was de manier om de spelers van je team te kiezen. Het poten werd meestal gedaan door twee van de beste voetballers van de straat of uit de buurt, die om en om een voet in elkaars richting zetten. Degene die de laatste volle voet plaatste, mocht dan beginnen met de keuze van zijn team. Het was een dagelijks ritueel. Na het poten werden de doelen met een paar stevige stappen afgemeten en uitgezet. Als doelpaal fungeerden meestal twee jassen van de spelers of een jas en een lantaarnpaal. De hoogte van het doel was niet zo belangrijk, daar werd altijd een mouw aangepast, met of zonder commentaar van de tegenstander bij het maken van een doelpunt. Op de hoeken van de straat werden uitkijken gezet, meestal de mindere goden in de sport. Mocht er een politieman in zicht komen, dan werd er geseind, de bal ergens achter een voordeur gegooid en werd er overgegaan naar het gezellige tikkertje of verstoppertje.

Ik zie het nog zo voor me. Bij een van deze straatpartijtjes stonden mijn vader en moeder even te kijken naar de verrichtingen van hun zoon. Deze was uitermate enthousiast, misschien wel een beetje te enthousiast. Hij wilde laten zien dat hij heel wat in zijn mars had. Hij wilde laten zien dat hij later zijn brood wilde verdienen met het mooiste wat er, in zijn ogen, binnen de sport in ons land bestond. Voetballen! Effectje hier, effectje daar, balletje omhoog houden, etc. De voetbalkunstjes waren die dag niet de kunstjes waar mijn ouders achteraf op zaten te wachten. 

Met een ferme trap met de rubberen bal, deed ik de straatstenen uit de grond trillen. Ziet u het voor u een jochie van rond de 9 á 10 jaar, gekleed in een moderne pofbroek en voorzien van nieuwe schoenen, die amper de doos hadden verlaten?

Het laatste was ook de reden, dat ik binnen geroepen werd. Ik had, naïef als ik was, en zonder na te denken de huisregels overtreden. Een redelijk boze vader en moeder bevolen mij per direct andere, oude schoenen aan te trekken. Echter voor dat ik hier aan toe gaf, moest ik toch nog even laten zien, dat ik de voetbalkunst behoorlijk machtig was, met eenzelfde ferme trap als bewijs. Het laatste had ik niet moeten doen.

Het effect dat ik, onbewust aan de bal meegaf, zorgde er voor, dat deze niet de richting uitging, die ik als basis voor het, op dat moment, vreselijke  object, in gedachten had. Nee, de bal ging bijna regelrecht met een lichte curve naar links, naar het enkellaags glas van de woning van de Olde Deuze. Onder het zien en horen van het vallende glas, kroop ik in gedachten al onder de straatstenen. Ai, ai, ai! Zonder ook maar één blik in de richting van mijn ouders te werpen, wist ik bijna zeker, dat mijn vader en moeder de neiging hadden openlijk het ouderschap van mij als hun zoon, bij ieder die het horen wilde, te ontkennen.

Oké, ze waren wel verzekerd, maar toch! De bal was net door een verkeerde ruit gegaan. Het raam van die norse olde Deuze. Op het moment van het breken en het vallen van het  glas realiseerde ik mij, dat de eerstvolgende confrontatie met de man, een week lang voorbereiding in beslag zou nemen. De meest hinderlijke rillingen liepen mij over de rug. Ik zag het helemaal aankomen. Met een grote mate van waarschijnlijkheid, zou ik wel eens gevraagd kunnen worden het eerstvolgende schaaltje met eitjes bij hem op te halen.

Ik hoopte alleen maar dat het nog even zou gaan duren, zodat het ook bij de man even kon bezinken, maar helaas! Twee dagen later, ik zie het nog zo voor me, was het niet mijn moeder, die normaal de opdracht voor de boodschap verleende. Nee, met een niet teveel opvallende grijns op zijn gezicht was het vaderlief, die mij het schaaltje in de vingers duwde en aangaf dat vier eitjes voor de aankomende week wel genoeg was. 

Met bibberende knieën en een, binnen enkele minuten ontstane, vochtige bilnaad, ondernam ik mijn wandelingetje naar vier huizen verderop. Ik kon net bij de bel komen en toen ik eenmaal het geluid van de klepel op het metalen deel van de koperen bel had gehoord, wist ik het zeker. Het zou de meest nare ervaring uit mijn nog jonge leven worden!

De voetstappen op de stenen vloer van de gang van zijn woning, zorgden er voor, dat het ontstane vocht met rasse schreden zijn lokatie verliet om zich vervolgens meester te maken van mijn gehele lichaam.

De deur ging open en ja hoor, klompen, zwarte kleding en pet, het was diezelfde enge man, waarvan ik al een paar dagen de meest angstige dromen had gehad, die mij begroette. "Dag Hans", ik wist niet eens dat hij mijn naam kende, "ef oe moeder weer wat eities nödig?" "Ja, meneer Deuze". Zijn naam was Dozeman, maar ja, ik kende hem alleen als de olde Deuze, toch! "Now, loop dan maar effen met mie mee". Het was een normale begroeting met de teksten die ik niet als anders of vreemd kon kwalificeren. Maar ja, de gang door het huis naar het kippenhok achter in de tuin had deze keer toch wat meer impact. Het leek wel of de tuin een stuk langer was geworden en het kippenhok was wat mij betreft ook een stuk groter dan anders.

"Oevölle ef oe moed'r nödig dan?" "Dddddooee d'r maar vvvvier en dddooooeee maar witte eitjes, als u ze heeft". Normaal nooit geen last van stotteren, maar deze keer ... Ik begon meer en meer onzekerder te worden. 

De man opende de deur van het hok, waarbij een van de kippen, waarschijnlijk mijn spanning voelde. Dat dacht ik in ieder geval. Het beestje had dezelfde neiging als ik en wilde er als een haas vandoor gaan.  Helaas voor de kip. Hij kreeg te maken met de grote gele klomp van zijn baas en kon amper met zijn nek buiten de deur, zijn gewenste vrijheid proeven. 

Zwolse Herinneringen Hans Smit Olde Deuze 1443716 640

"Zo,'k eb nog net vier witte eities voor jullie, de rest is allemoale broen"."Bin ie now die voetballer die bi'j mi'j de roete ef vernield?" Oh, die voelde ik juist op dat moment niet aankomen. Ik had hem meer bij het afrekenen verwacht, maar ja. "Ja, meneer Deuze, maar ik hhhhheb het niet expres gedaan. D'r kwam in één keer een windvlaag en tttttooen ging de bal de vvvverkeerde kant op". Rika, die ons ondertussen was gevolgd naar het kippenhok, had waarschijnlijk al door dat ik niet mezelf was en keek mij vredig aan en zei: "Det gef niet jochie, dat kan ons ok gebeur'n!" Hoe dat vraag ik mij nog steeds af, want een athletisch lichaam hadden beide niet. Alsof de hemelpoort openging en alle engelen hun eigen lied zongen. Zo kwam de meelevende opmerking van Rika bij mij binnen. "Klopt", zei de oude man. "Ik denk niet dat'r mense'n bint die dit soort dingen umme spresse doen". "'T is sunde en ie ebt 'r rommel van en die roete die goat ze de ankommende dag'n vervang'n".

Wat een lieve man! Ik zou ik het op dat moment wel uit willen schreeuwen. Helemaal verkeerd ingeschat. Maar .... een bijzondere levensles, die nog steeds in mijn achterhoofd circuleert. Oor- of veroordeel niet als je iemand nauwelijks kent. Geef ook nooit een oordeel over zijn/haar uiterlijk, hoe vreemd, armoedig of exentriek deze ook bij je over mag komen.

Ik heb met volle overtuiging en plezier afgerekend. "Gef maar 8 centen en et d'r lekker van", zei de Olde Deuze. Het ging mij net iets te ver om de man om zijn hals te vliegen. Was ik voor deze man altijd zo benauwd geweest? 

Met een brede grijns, die mijn vader onderdrukte toen hij mij de opdracht gaf, kwam ik thuis en zette ik de eitjes op het granieten aanrecht in de keuken. Alsof er niets gebeurd was!

Met de olde Deuze en met Rika kon ik bij de volgende aankoop van eitjes, lezen en schrijven. En ... zij met mij!

Hans Smit

Facebook - Like Zwolle in Beeld

Cookies